Je af en toe weer eens als een kind gedragen. De vrijheid van verantwoordelijkheden, zelftwijfel en remmingen. Lekker speels zijn en je nergens druk om maken. Is dat je innerlijk kind? Kinderen zijn ook egocentrisch, afhankelijk en gefocust op hun eigen levensbehoeften. Ze zijn onderhevig aan alles wat wij ze leren. Goed en slecht. Welk innerlijk kind wil je zijn?

Zelf was ik als kind vaak stil en aanschouwend. Rustig en altijd op zoek naar vrede om me heen. Ik wilde dat iedereen lief was voor elkaar. Ook was ik zelfstandig zodra dat kon. Eenmaal iets aangeleerd dan zou ik het voortaan zelf doen. In de essentie is dat nog steeds hoe ik ben.

Eenmaal bewust van meningen merkte ik dat anderen me verlegen, té stil en té lief vonden. Met die oordelen heb ik lang geprobeerd afstand te nemen van deze eigenschappen. Ik wilde niet verlegen en té lief gevonden worden. Het klonk als iets wat niet goed is. De neiging om te laten zien wat ik in huis heb is daardoor groot. Ik wil mezelf bewijzen.

Er zijn maatschappelijke beelden van hoe je zou moeten zijn (zie ook: Trouw zijn aan jezelf en je ontdoen van labels). Hierin ben je teveel daarin te weinig en uiteindelijk ben je nooit goed genoeg. Je kan niet aan alle beelden voldoen. Zodra je de beelden overneemt en als waarheid beschouwt begint de strijd tussen wie je bent en wie je denkt dat je zou moeten zijn. Maar diep van binnen, ben je niets veranderd. Ik ben nog steeds rustig, lief en op zoek naar vrede om me heen.

Je innerlijk kind vrij laten betekent in deze zin jezelf accepteren. De eigenschappen accepteren die jij hebt waar anderen misschien een oordeel over hebben. Oordelen die je zelf hebt overgenomen over de eigenschappen die je al had als kind.

Ik ben (te) lief. Gelukkig wordt daar niemand slechter van.